Galblaasfunctie - falen

Gal de vertering van vetten en wat voor een deel kleur van onze ontlasting bepaald. Gal is nodig voor een goede vertering van vetten, deze vertering begint in de darm, de lever is een onderdeel van de vertering en maakt gal aan, via een afvoerbuis, komt de gal in twaalfvingerige darm en worden grote vetten en druppels in kleine druppels verdeeld en kunnen enzymen de vetten sneller verteren, tot ze klein genoeg zijn. Na dit proces, worden de voedingstoffen opgenomen door de darmwand en zo worden ze als voedingsstoffen via de bloedbaan opgeslagen – omgezet in de lever en is het als voedingsstof klaar om door gegeven te worden aan onze organen

Galblaas

Koorts, buikpijn en misselijkheid. De klachten komen vaak op na een grote of vette maaltijd. Het belangrijkste symptoom is forse, krampachtige en constante pijn in de rechterbovenhoek of het bovenste middengedeelte van de buik, rechts onder de ribben. Meestal trekt dat een minimale tijd van een half uur weer weg. De pijn kan uitstralen naar het rechter schouderblad. Het kan zijn dat er een ontsteking in de galblaas zit, genaamd: cholecystitis

Galblaas aandoeningen

Bij galsteenziekte ontstaan geleidelijk aan galstenen in de lever. Galstenen belemmeren vaak de afvoer van gal vanuit de lever naar de darm. Ze kunnen ook een ontsteking van de galblaas (= cholecystitis) veroorzaken. Galstenen ontstaan meestal pas na het 40e levensjaar en vaker bij vrouwen dan bij mannen. Onderscheiden worden o.a. Pigmentstenen, Zwart gepigmenteerde stenen bestaan verbindingen van calcium, koper, een groot aantal mucine-glycoproteïnen en bevat geen cholesterol.  Ze komen vaker voor bij levercirrose. In de vorming van zwarte pigmentstenen wordt een bepaalde rol toegewezen aan de oververzadiging van gal met ongeconjugeerd bilirubine en een verandering in de pH.



Verstopping galwegen geelgroene ontlasting

Een toename van direct bilirubine kan wijzen op een verstopping van de galwegen of op leverbeschadiging. Een toename van indirect bilirubine is een aanwijzing dat er te veel rode bloedcellen worden afgebroken, zoals bij hemolytische anemie. samen vormen deze twee waarden de Bilirubine Totaal. Gal bestaat voornamelijk uit afgebroken rode bloedcellen. Oude rode bloedcellen worden in de lever afgebroken, de rode afvalstoffen die  vrijkomen krijgen een geelgroene kleur en worden gemengd met de gal en daarom is de ontlasting een goede eerste peiler. 

Als het toch mis gaat, zonder galblaas leven kan, wat veranderd er

De galsappen worden niet meer opgevangen door de galblaas en bij het arriveren van vetten, laat het galsap los en stroomt nu direct de darmen in, dit is niet ingedikt en erg dun, normaal voegt het zich langzaam aan het verteringsproces toe en is bedoeld om het eten te verteren (met name vet), zo worden voedingsstoffen uit het voedsel gehaald, waardoor het gereed is om zijn weg te vinden naar de verschillende organen

Traumatische ervaring door diarree

Als deze handeling van het lichaam niet meer gebeurd, kan er een enorme vermoeidheid en ook diarree ontstaan. Gedurende deze periode er een soort traumatische ervaring ontstaan. Voeding kan een nieuwe betekenis krijgen, misschien wel, pas op, anders ontstaat er diarree en dit is stress voor het lichaam en zo kan er nog maar weinig zin in voedsel met vet ontstaan, immers het brein herinnerd nu dat er problemen de kop op kunnen steken 

Na een tijdje kunnen er allerlei klachten ontstaan als pijn

Na een tijdje kunnen er allerlei klachten ontstaan, want immers de darmen nemen minder vitaminen en mineralen op omdat de gal zijn functie niet meer naar behoren heeft en het lichaam is slim, bij een tekort aan voedingsstoffen haalt het zo nodig vitaminen en mineralen uit je spieren en botten. Een van deze vitaminen die in voedsel zit en in het laatste deel van de darm opgenomen wordt is vitamine B12, als er diarree is, krijgt de darm logischerwijze geen tijd om vitamine B12 op te nemen, hetzelfde doet zich overigens voor, als het laatste deel van de dunne darm is verwijderd. 

Gal en ontlasting

In het gal vloeistof zitten Gal zouten, bilirubine (gal kleurstof) en cholesterol, galzouten verkleinen de vetten, dit zie je terug bij de ontlasting, die is dan donkerbruin, dit kun je nakijken in de poepwijzer. Een afwijkende kleur kan een teken zijn dat er iets in de galblaas gaande is, zoals een verstopping. cholesterol is een belangrijk bouwstof voor onze cellen in ons lichaam, een teveel wordt via de gal vloeistof uitgescheiden. Als door een storing of infectie de gal verstoord wordt door galstenen. 

Verdiepen in gezonde vetten, het kan galstenen helpen voorkomen

Deze harde vormsels in de galblaas of de galgangen, samengesteld uit één of meer in de gal voorkomende stoffen (kalk, vet, suiker/LDL cholesterol, galkleurstof). Deze stoffen zijn vaak als een  oververzadigde oplossing in de gal aanwezig. Een stoornis in de stofwisseling of een infectie kan de normale samenstelling van de gal verstoren, waardoor het evenwicht wordt verbroken en zich stenen kunnen vormen. Met name cholesterolstenen kunnen een aanzienlijke omvang bereiken.

Gemengde galstenen bestaan voor 70 procent uit LDL cholesterol en de vorming van deze stenen wordt, net als bij de choleste­rolstenen, bevorderd door een vermin­derde oplosbaarheid van cholesterol. (In het Westen 80% van alle galstenen). LDL Cholesterol is een derde oorzaak waardoor galstenen kunnen ontstaan. Zoals je in het begin al hebt gelezen, produceert de lever gal. 

De levercellen die dit produceren bevatten van nature cholesterol

De hoeveelheid in de cellen moet altijd gelijk blijven. Wanneer er teveel cholesterol wordt geproduceerd, moet dit worden afgevoerd. Dit doet de lever via de galvloeistof. Het teveel aan cholesterol komt zo in de galblaas terecht. In de galblaas slaat de cholesterol neer in de vorm van zeer kleine kristallen, als er teveel aan cholesterol ontstaat kan dit samen klonteren.

Gemengde galstenen bestaan voor 70 procent uit cholesterol en de vorming van deze stenen wordt, net a1s bij de cholesterol stenen, bevorderd door een vermin­derde oplosbaarheid van cholesterol. (in het Westen 80% van alle galstenen). LDL Cholesterol is een derde oorzaak waardoor galstenen kunnen ontstaan. Zoals je in het begin al hebt gelezen, produceert de lever gal. 

Teveel LDL cholesterol kan gaan klonteren

De cellen in de lever produceren bevatten van nature cholesterol. De hoeveelheid in de cellen moet altijd in balans blijven. Wanneer er teveel cholesterol wordt geproduceerd, moet dit worden afgevoerd. Dit doet de lever via de galvloeistof. Het teveel aan cholesterol komt zo in de galblaas terecht. In de galblaas slaat de cholesterol neer in de vorm van zeer kleine kristallen, als er teveel aan voornamelijk LDL cholesterol ontstaat kan dit samen klonteren.

Het belang van galzuur en het voorkomen van ophoping vet in de lever

Galzouten, ook wel cholaten genoemd, zijn zouten van galzuur (cholzuur). Afwijking in de aanmaak van galzure zouten kan leiden tot ernstige stoornissen in de vetvertering. De vorming van galzuur is de belangrijkste manier van het uitscheiden van cholesterol, om ophoping van vetten in de lever te voorkomen. Cholesterol wordt door de lever uitgescheiden via de gal. De lever koppelt vervolgens de aminozuren taurine en glycine aan de galzuren, waardoor galzouten ontstaan. Via de galblaas worden deze aan de dunne darm afgegeven, waar ze bij de opname van vetten en in vet oplosbare vitaminen meewerken.

Volle plantaardige of dierlijke vetten, ondersteund de hormoonhuishouding

Veel mensen zijn bang voor vet en vervangen de volle vetten in ‘magere’ of light producten, en daarmee steun je het lichaam niet. Je hebt juist een beetje vet nodig voor een goede hormoonhuishouding. Vet houd een gezond HDL cholesterol profiel in stand en kan de LDL onschadelijk maken. Galstenen kunnen ontstekingen geven in galblaas en dit kan een aanhoudende, zeurende pijn geven, (vaak rond middernacht), acute zeer pijnlijke galkolieken (= colica hepatica). Vooral na een vette maaltijd, er kan mogelijk geelzucht ontstaan (= icterus). 

Een tekort aan galzuren, ontsteking van de galwegen, cholesterol stenen

Als er in de lever te veel vet wordt opgeslagen ten gevolge van een storing in de vet- en suikerstofwisseling van de lever, kan er lever vervetting (leversteatose) ontstaan. Bij een vette lever, kan de lever het overschot aan vetten en suikers niet meer goed verwerken en gaat het die overmaat aan lipiden zelf opslaan in de lever. Cholesterol wordt van en naar organen vervoerd door lipoproteïnen. Het kan afgezet worden in de vaatwand en daar schade aanrichten (atherosclerose). 

Een balans in het homocysteïne niveau

Verhoogd homocysteïneniveau in het bloed, Het gemiddelde niveau van homocysteïne is vaak hoger bij mannen dan bij vrouwen. Het gemiddelde niveau van homocysteïne kan verschillen van eenvoudige ontstane galstenen tot galsteen gerelateerde ontstekingsstoornissen, zoals bij pancreatitis. Je ziet dan vaak een toename van het BMI.  en opvallend vaak gal gerelateerde problemen, waar de lever ook een rol speelt. 

Het lichaam moet homocysteïne maken

Het is een belangrijke bouwsteen voor twee zeer belangrijke verbindingen in ons lichaam en moet in balans zijn. Te laag homocysteïne is niet goed en te hoog homocysteïne is evenmin goed. De werking van glutathion in het lichaam is een sterke antioxidant en ontgifter. Een te lage homocysteïne  is dus niet goed. Deze stof maakt de in vet oplosbare toxinen via binding met water oplosbaar, stapelt en vervoert cysteïne door het lichaam naar de nieren en neemt deel in de galproductie. 

Iemand met pre-diabetes heeft een hogere reactieve zuurstof soort nodig en heeft meer “glutathion” nodig om dit te neutraliseren. Dus, een lagere homocysteïne meting in het bloed laat zien dat er hoge vrije radicalen / reactieve zuurstof probeert  de giftige stoffen in het lichaam probeert, te bestrijden door het produceren van glutathion.

Verontreinigingen, tabak, koffie- (beperkt), rook, drugs, xenobiotica en straling

Reactieve zuurstof, ook wel ROS genoemd, kunnen ontstaan onder invloed van verontreinigingen, tabak, koffie (meer dan 3 kopjes per dag, rook, drugs, xenobiotica en straling. Een xenobioticum is een stof die van nature niet voorkomt in ons voedsel en het lichaam dit dus ook niet herkent. Een te hoge concentratie als bijvoorbeeld  antibiotica, wat het lichaam zelf  niet maakt of ook niet voorkomt in een normaal dieet. Ook paracetamol of acetylsalicylzuur (in aspirine) zijn xenobiotica. De term xenobioticum wordt gewoonlijk gebruikt in de context met vervuilende stoffen, zoals dioxinen en pcb’s en hun effect op het menselijk lichaam.

Homocysteïne wordt niet alleen gerelateerd aan hart en vaatziekten, zoals een te hoog cholesterol, verhoogde bloeddruk

Als je probeert om een erwtensoep te maken en het recept vraagt om erwten, maar je hebt geen erwten, kun je dan erwtensoep maken? Nee! Je moet een andere soep maken of een ander recept kiezen. In het geval van de productie van de primaire methyldonor van het lichaam, wat betrokken is bij de productie van onder meer DNA, RNA, myeline, fosfolipiden, eiwitten en neurotransmitters (waaronder serotonine en dopamine), dan heb je homocysteïne nodig. In het geval van de productie van primaire antioxidant van het lichaam, glutathion, heb je homocysteïne nodig.

Oorzaken van lage homocysteïne

Lage volwaardige eiwitinname, neem voldoende eiwitten. Ongeveer 1 gram per 2 pond lichaamsgewicht is een ruwe richtlijn. (uit voeding)! Lage zwavelinname: als je niet genoeg zwavelhoudende voedingsmiddelen gebruikt, zal homocysteïne afbreken om de broodnodige cysteïne voor het lichaam te kunnen halen. Cysteïne is erg belangrijk voor veel reacties. Als cysteïneniveaus laag zijn, zal het lichaam glutathion afbreken om het te verstrekken! Dus niet alleen ontstaat er een laag homocysteïne, maar ook glutathion. Samen gevat heet dit Methylatie.

Methylatie is een proces dat triljoenen keren gebeurt in elke cel elke minuut.

Het is één van de meest belangrijkste metabolische functies van het lichaam en is afhankelijk van vele genen die de enzymen aansturen en allerlei vitamine, mineralen, eiwitten, etc, die betrokken zijn in de vorming en afbraak van allerlei stoffen die belangrijk zijn voor het lichaam. Methylering zorgt voor onderhoud en reparatie van het DNA in alle cellen.

Enzymen en de vertering brengen het herstel van alle weefsels op gang, om cel-energie te metaboliseren en speelt dus een belangrijke rol in de ➊ epigenetica (➊ wijzigingen in de genen zonder dat de structuur verandert),  omgevingsfactoren en voeding hebben invloed op deze cellen. Epigenetica zorgt voor deze werkverdeling door genen aan of uit te zetten. Bepaalde basen van een gen worden toegankelijk of ontoegankelijk gemaakt en is ook heel belangrijk in de lever voor ontgifting en speelt het een belangrijke rol bij de  immuniteit.

Om goed te communiceren, zijn er tal van bouwstoffen nodig in de vorm van vitamines, mineralen, aminozuren, vetzuren en glucose. Deels kan je lichaam deze zelf omzetten, en deels dien je deze stoffen (of hulpstoffen die je zelf kan omzetten) d.m.v. voeding en eventueel suppletie binnen te krijgen. Gezondheidsklachten ontstaan niet van de een op de andere dag. 

Een lichaam heeft ontzettend veel back up routes als vangnet

Er zijn al heel wat dominosteentjes omgevallen voordat wij daadwerkelijk klachten gaan ervaren en daarom is onderzoek nodig, waarbij een terugblik, persoonlijke  ervaringen betreffende gezondheid van toen en nu, diagnoses, bloedonderzoeken en gebeurtissen kunt analyseren, zodat er een duidelijk beeld ontstaat, vastgelegd in een document. 

Methylatie is betrokken bij

  • Zenuwstelsel (hersenen, ruggenmerg en zenuwcellen). Het is belangrijk voor de isolatie rond zenuwen;
  • De vorming van neurotransmitters zoals dopamine, serotonine, melatonine, en noradrenaline;
  • De vorming van Q10 en carntine welke een belangrijke rol spelen in de energiehuishouding (ATP-cyclus / citroenzuurcyclus);
  • De creatie van nieuwe RNA en DNA, onze genetische bouwstenen;
  • Directe communicatie tussen het zenuwstelsel en het immuunsysteem, voor een optimale werking van ons immuunsysteem;
  • Zwavel metabolisme wat een belangrijke rol speelt bij de ontgifting. Voldoende methylatie is dan ook glutation besparend;
  • Balanceert en gebruikt vet en cholesterol, voor productie van hormonen;
  • Hormoonregulatie en -productie, Methylering is van belang bij de productie van oestrogeen, testosteron, en insuline, evenals vele andere hormonen in het lichaam;
  • De allergische reactie inclusief: zoals voedsel allergieën, eczeem, netelroos en astma. Hierbij is er een verhoogde histamine productie;
  • De productie en reparatie van eiwitten in het lichaam, zoals bij: Aminozuren (bouwstenen van eiwitten). Hemoglobine, vervoert zuurstof door het lichaam. Collageen, collageen geeft structurele functie van het bindweefsel en pezen, een elastisch proteïne, wat voornamelijk voorkomt in de darm, bloedvaten, blaas en longen;
  • DNA methylatie, waardoor cellen optimaal kunnen functioneren;
  • Ontgifting van zware metalen en giftige stoffen en fenolen, glutamaten, pesticiden, additieven, sulfieten, ammoniak, medicijnen, kruiden, supplementen, enz.

Methylering bestaat uit een 3-tal routes die in elkaar overlopen

Het begint met het voorzien van je cellen van zwavel, wat de CH3 groep af zal staan om verder in het lichaam gebruikt te worden. Zwavel haal je in kleine hoeveelheden uit natuurlijke bronnen zoals knoflook, ui, prei, bieslook, koolsoorten, broccoli, asperges, ei, noten, vlees en vis. Een methylgroep is een functionele groep, afgeleid van methaan (CH4). 

Het bestaat uit één koolstofatoom en drie waterstofatomen en heeft dus de formule CH3

Het voorzien van je cellen van zwavel, maakt het je systeem als het ware “AAN” gaat, en de al eerder genoemde processen zijn werk gaan doen. Omdat deze voorziening van zwavel zo belangrijk is, heeft jouw lichaam een ingenieuze recycleroute ontworpen wat er voor zorgt dat dit alsmaar door blijft gaan, ook op dagen dat je geen zwavel binnen krijgt. 

Hiervoor zijn echter wél een aantal belangrijke helpers nodig (co-factoren)

Actief vitamine B2 (riboflavine-5-fosfaat), actief foliumzuur (methylfolaat), actief vitamine B12 (methylcobalamine)actief B6 (pyridoxaal-5-fosfaat), en choline (uit o.a. ei, bloemkool, pindakaas en amandelen). Heb je niet voldoende co-factoren? Dan stapelt de zwavel zich op en kan homocysteine gaan stijgen. Een te hoge homocysteine maakt je ontstekingsgevoelig en kan insulineresistentie en neurodegeneratie geven. Ook heb je een hogere kans op hart en vaatziektes.

Onschadelijk maken van vrije radicalen

  • Regulatie van de homocysteïne concentratie. Verhoogd homocysteïne is een risicofactor voor vele chronische ziekten;
  • De optimale omzetting en regulatie  van vele voedingsstoffen zoals foliumzuur en homocysteïne in meer actieve vormen 5-methyltetrahydrofolaat en methionine;
  • Immuniteit, productie en kwaliteit van T-cellen en NK-cellen;
  • Bij verminderde methylatie gaan alle cycli, die als tandwielen in elkaar overlopen, minder goed lopen. 

Oestrogeendominantie, synthetische hormonen en de ontwikkeling van galstenen

Vrouwen ontwikkelen tweemaal vaker dan mannen galstenen, waarschijnlijk voornamelijk door oestrogeendominantie en overmatig oestrogeengebruik bij hormoonsuppletietherapie en de pil, dit komt doordat synthetische hormonen zo sterk werken, dat het de lever veel meer moeite kost om deze af te breken in vergelijking met lichaamseigen hormonen. 

De zogenaamde galblaasaanvallen zijn extreem pijnlijk.

Deze pijnen worden vaak gevoeld in de bovenste rechter kant van de buik, het gebied van het rechter sleutelbeen of onder het rechter schouderblad. Omdat de pijn niet op de plaats van de galblaas wordt gevoeld, noemt men dat “weerpijn”, ook wel: (gerefereerde pijn) is het verschijnsel waarbij pijn wordt gevoeld op een andere plaats dan waar de weefselbeschadiging plaatsvindt.

Mogelijke behandelingen (o.a.)

  • Galsteen-middelen;
  • Lever en gal reinigen;
  • Operatieve verwijdering, met vaak gevolg voor de vetvertering. Niet iedereen krijgt hier last van, meestal tijdens de menopauze dat hier klachten ontstaan, omdat er minder hormonen uit vetten beschikbaar zijn.

De voeding dient een basisch overschot te geven en voldoende meervoudig onverzadigde vetzuren gebruiken.